COLUMN  Heerlijk. Nu begint het pas echt. Leuk hoor, die speeddate en dat dagje uit, maar hier draait het natuurlijk om in Boer zoekt Vrouw: de logeerweek. Drie dames – en drie mannen niet te vergeten – die verwachtingsvol arriveren in een voor hen vaak volslagen onbekende omgeving met te grote koffers en zelfgebakken quiche of appeltaart.

En de boeren en boerin die, als de potten pindakaas in het gelid staan en ze onsexy met hoeslakens en kussenslopen voor de logeerbedden aan de slag zijn geweest, eindelijk weer eens in hun element zijn. Want ze zijn gewoon thuis tussen hun vertrouwde koetjes en kalfjes of akkers en dat voelt zichtbaar beter dan zo’n wild slingerende rubberboot of sauna.

Opeens blaken ze weer van het zelfvertrouwen. Gijsbert laat zijn vrouwen meteen op zijn tractor rijden, Marcel showt zo trots als een pauw zijn turbo-douchecabine, Richard probeert indruk te maken met zijn melkcarrousel van 300.000 euro en Annemarie komt eindelijk een beetje los tussen haar rijpende kazen, al blijft de conversatie vooralsnog beperkt tot het werk. Maar de bonuspunten zijn deze week voor Frank, die de moeite heeft genomen voor iedere vrouw een boek te kopen en er een persoonlijk welkomstwoord in te schrijven. Zo schattig. Beetje jammer dat het drie keer hetzelfde boek is. Maar vooruit, het is het gebaar dat telt.


Ik verbaas me elk jaar opnieuw over de dynamiek in zo’n groepje logees. Ik snap het vooral niet. Het worden zo’n week vaak de dikste vriendinnen, giebelend liggen ze naast elkaar op hun logeerbedden in die krappe slaapkamer. Terwijl ze allemaal op dezelfde man azen. Je zou toch verwachten dat ze elkaar de ogen uit het hoofd krabben, à la Alexis en Krystle in Dynasty. Maar kennelijk werken een hooiberg en frisse buitenlucht verbroederend.


Bij de meesten dan. Want bij Frank wordt het hommeles tussen de geiten, als we de vooruitblik mogen geloven. Ik kan niet wachten.